Mossen

Mossen (Bryophyta – stam)

Gesnaveld klauwtjesmos (Hypnum cupressiforme)

Mosachtige plantjes waren de eerste planten die ruim 400 miljoen jaar gelden vanuit het water het land ‘opkropen’. Omdat mossen geen vaatstelsel hebben, kunnen ze niet hoog worden en ook geen water en bijbehorende voedingsstoffen via een wortelstelsel uit de grond halen. Mossen zijn daarom afhankelijk van het water dat via regen en/of dauw op het mos valt. Dat nemen ze rechtstreeks op via het mosblad. Hierdoor zijn mossen extra gevoelig voor verontreiniging van het regenwater, omdat ze dit rechtstreeks opnemen. Mossen zijn planten die zich vermeerderen via sporen.

Classificatie:  Mossen (stam) – Landplanten (Stam) -  Planten (Rijk).

 

Bekijk hieronder 10 veel voorkomende mossoorten

Klik op de naam van het mos voor informatie over de mossoort.

  1. Fijn laddermos
  2. Fraai haarmos
  3. Gedrongen kantmos
  4. Gesnaveld klauwtjesmos
  5. Gewoon dikkopmos
  6. Gewoon haakmos
  7. Gewoon muisjesmos
  8. Gewoon sterrenmos
  9. Grijs kronkelsteeltje
  10. Kussentjesmos

 

Fijn laddermos (Kindbergia praelonga)

Fijn laddermos is een veel voorkomend mos, die je vooral in de bossen tegenkomt. Ze hebben een voorkeur voor een ondergrond met weinig kalk. Je komt fijn laddermos vooral liggend tegen op humus, levende bomen, dood hout en tussen gras. De stengels kunnen zo’n 11 cm lang worden en zijn enkelvoudig geveerd, waarbij de vorm van de stengelblaadjes driehoekig is, breed aan de basis en spits aan de top. De takblaadjes hebben een spitse top en de bladrand is fijn getand. Sporenkapsels komen bij fijn laddermos niet veel voor.

Fijn laddermos

Fijn laddermos, fotograaf: Wijnand van Buuren-Nederlandse Soortenregister

Fraai haarmos (Polytrichum formosum)

Fraai Haarmos kom je vooral tegen op de drogere gronden in het loof- en naaldbos en is in Nederland algemeen voorkomend. Ze houden van voedselarme bodem en schaduwrijke plekken. Vanwege de vorm van een ster wordt Fraai haarmos ook vaak sterretjesmos genoemd, wat het niet is. De stengels zijn zo’n 15 cm lang, waarbij de stengelblaasjes een ruime cm lang zijn en een lancetvorm hebben. De rand van het blad is getand. De sporenkapsels hebben een behaard huikje.

Fraai haarmos

Fraai haarmos, fotograaf: Annemieke Hoozemans-Nederlandse Soortenregister

Gedrongen kantmos (Lophocolea_heterophylla)

Gedrongen kantmos is een levermos en is binnen de bebladerde levermossen het meest algemeen. Ze groeien vooral op dode takken en rottend hout wat vochtig is.  Gedrongen kantmos heeft twee rijen bladeren samen met een derde rij kleine blaadjes aan de onderkant. Het blad is tweetoppig en heeft een afgeronde vorm.

Gedrongen kantmos

Gedrongen kantmos, fotograaf: Dick Belgers-Nederlandse Soortenregister

Gesnaveld klauwtjesmos (Hypnum cupressiforme)

Gesnaveld Klauwtjesmos valt onder het geslacht (Hypnum), waarvan in Nederland zes soorten voorkomen. Een van die soorten is gesnaveld klauwtjesmos (Hypnum cupressiforme), die in Nederland algemeen voorkomt. De stengels van gesnaveld klauwtjesmos zijn glanzend en grasgroen van kleur op plekken met schaduw. Ze komen ook op zonnige locaties voor en dan is de kleur meer goudbruin. Ze groeien vooral op bomen, maar je komt ze ook tegen op stenen en op de grond. Daar vormen ze matten met liggende afgeplatte stengels die doen denken aan een ciprus. De stengels worden maximaal 10 cm lang. De naam heeft deze mossoort te danken aan de geklauwde blaadjes en de gesnavelde deksel van het sporenkapsel. Bekijk hier meer informatie over het gesnaveld klauwtjesmos.

Gesnaveld klauwtjesmos

Gesnaveld klauwtjesmos, fotograaf: Dick Belgers-Nederlandse Soortenregister

Gesnaveld klauwtjesmos

Gesnaveld klauwtjesmos, fotograaf: Hans Jonkman-Nederlandse Soortenregister

Gewoon dikkopmos (Brachythecium rutabulum)

Gewoon dikkopmos is een in Nederland algemeen voorkomende soort. Je kunt ze tegenkomen op veel verschillende plekken waarbij ze niet kieskeurig zijn qua ondergrond. De stengelblaadjes zijn geel- tot grasgroen van kleur en hebben een spitse top, die licht van kleur is doordat de blaadjes daar aanliggend zijn. Gewoon dikkopmos vormt matten met liggende, onregelmatige en vertakte stengels. Deze stengels worden maximaal 15 cm lang.

Gewoon dikkopmos

Gewoon dikkopmos, fotograaf: Wijnand van Buuren-Nederlandse Soortenregister

Gewoon dikkopmos

Gewoon dikkopmos, fotograaf: Dick Belgers-Nederlandse Soortenregister

Gewoon dikkopmos

Gewoon dikkopmos, fotograaf: Wijnand van Buuren-Nederlandse Soortenregister

Gewoon haakmos (Rhytidiadelphus squarrosus)

Gewoon haakmos kennen we allemaal wel van het mos dat in het gazon zit. Daarnaast komt gewoon haakmos in Nederland algemeen voor, zoals in bermen, weilanden, bosranden en in open bossen. Kenmerkend voor deze mossoort is de stervorm die in de top van het mosstengel zit. De stengels worden maximaal zo’n 10 cm lang en zijn onregelmatig vertakt. De kleur van de stengel is oranje tot roodachtig. De mosmatten zelf hebben een geelgroene kleur. Zijn naam dankt het haakmos aan zijn haakvormige blad.

Gewoon haakmos

Gewoon haakmos, fotograaf: Hans Jonkman-Nederlandse Soortenregister

Gewoon muisjesmos (Grimmia pulvinata)

Gewoon muisjesmos is een algemeen voorkomende mossoort die een voorkeur heeft voor stenen waar kalk in zit, zoals muren, daken en beton. Ze komen ook wel op bomen, zoals de populier en wilg voor. De groeivorm van muisjesmos zijn bolle kussentjes die grijsgroen van kleur zijn. Ze worden zo’n 2 cm hoog waarbij de blaadjes langwerpig eirond van vorm zijn voorzien van een lange glashaar. De gestreepte sporenkapsels zitten aan een kromgebogen steel.

Gewoon muisjesmos

Gewoon muisjesmos, fotograaf: Marijke Kanters-Nederlandse Soortenregister

Gewoon sterrenmos (Mnium hornum)

Gewoon sterrenmos komt in Nederland algemeen voor, vooral in loof- en naaldbos. Daar groeien ze vaak op plekken die humusrijk en vochtig zijn, zoals aan de voet van bomen, verrot hout en bosbodems. Ze komen in zowel kleine als grotere zoden voor. De blaadjes zijn breed en langwerpig met een spitsige kop en licht doorschijnend, dit met een getande bladrand. De nerf van het blad eindigt voor de top van het blad. De sporenkapsels staan op lange rechte stelen, waarbij de sporenkapsels naar beneden hangen.

Gewoon sterrenmos

Gewoon sterrenmos, fotograaf: Tjerk Nawijn-Nederlandse Soortenregister

Grijs kronkelsteeltje (Campylopus introflexus)

Oorspronkelijk komt het grijs kronkelsteeltje uit de gematigde zone van het zuidelijk halfrond en sinds begin jaren 60 van de vorige eeuw komen ze ook als exoot in Nederland voor. Inmiddels zijn ze zeer algemeen en ze groeien vooral op de heide en in stuifzandgebieden. Je kunt ze echter ook aantreffen op boomstammen. Ze behoren tot de familie van de kussentjesmossen en hebben een voorkeur voor open terrein omdat ze niet goed tegen schaduw kunnen. Kenmerkend voor het grijs kronkelsteeltje zijn de stervormige/geknikte glasharen die een grijze waas over het mos geven. Het grijs kronkelsteeltje heeft de mindere eigenschap dat ze korstmossoorten kunnen gaan overheersen wat tot achteruitgang van die korstmossen leidt. Ze hebben daarom de bijnamen ‘tankmos’ en ‘mospest’ meegekregen.

Grijs kronkelsteeltje

Grijs kronkelsteeltje, fotograaf: Wijnand van Buuren-Nederlandse Soortenregister

Grijs kronkelsteeltje

Grijs kronkelsteeltje, fotograaf: Wijnand van Buuren-Nederlandse Soortenregister

Kussentjesmos (Leucobryum glaucum)

Net als het grijs kronkelsteeltje valt kussentjesmos onder de familie van kussentjesmossen. Het is een bladmos die een voorkeur heeft voor een zure grond in bossen en heiden en dan vooral de droge plekken. Tegen droogte hebben deze mossen zich goed beschermd. Zodra er water van boven de grond op het mos komt, bijvoorbeeld dauw, dan zuigt het mos dit op en wordt dan grijsgroen van kleur. Tijdens droge perioden worden de balderen licht van kleur, dit doordat de cellen hun water hebben verloren. De blaadjes van het kussentjesmos zijn dun en naaldvormig en worden maximaal zo’n 4 cm lang. Deze blaadjes sterven in het centrum af naarmate het kussentjesmos ouder wordt.

Kussentjesmos

Kussentjesmos, fotograaf: Wijnand van Buuren-Nederlandse Soortenregister

Kussentjesmos

Kussentjesmos, fotograaf: Wijnand van Buuren-Nederlandse Soortenregister